woensdag 25 oktober 2017

Lambarene, Gabon. 25 oktober 2017


Hallo allemaal, we zijn in Centraal Afrika!
We zijn weer onderweg. 3 oktober zijn we terug in Kameroen na een mooie zomer in Nederland, waar we worden opgehaald door Jeff z’n chauffeur en gelijk maar door naar de truck. Bloedje heet!! En binnen is het hier en daar wat schimmelig......Er is een lekkage bij het bed en het beddengoed ziet er niet zo fris meer uit.  Dus de eerste paar dagen wassen en poetsen en Arend repareert de generator. Nog een heerlijk etentje met Carol en Jeff en dan op naar Kribi aan de kust.
Als we aankomen is het prachtig weer en we staan op een mooi plekje bij Hotel  Tare Plage. De motor er uit en als we wegrijden blijkt deze een lekke band te hebben. Dan maar met een brommertaxi naar de stad om brood. De volgende dag lukt het niet om de band te repareren en gaan we maar weer met de brommertaxi naar de markt. Ondertussen is het gaan regenen en voor de terugweg vinden we een taxi met een paraplu..... De bovenkant is in ieder geval droog gebleven. Maar die dag wordt het niet meer droog en we zien het water in de zee stijgen......      ja ja het wordt vloed.
Dan maar weer verder, we nemen nog een kijkje bij de Kribi watervallen die rechtstreeks in de zee uitkomen en dan op naar Yaoundé.
 Er is wel wat meer verkeer op deze doorgaande weg maar nog steeds niet druk, ook omdat het zondag is. En overal is het groen.   We moeten de hele stad door voordat we bij het guesthouse komen van de Presbytarien Church. Het is een 100 jaar oud gebouw en ziet er nog mooi uit. 
Maandag met de taxi naar diverse ambassades. Visa voor Gabon zelfde dag binnen en gelijk door naar de ambassade van Congo rep. En dat kunnen we na 2 dagen al weer ophalen. Maar dan die DRCongo.......dat moest een week duren.  Maar ondertussen allerhande klussen gedaan. De motorband weer gerepareerd zodat we zelf weer overal naar toe kunnen.  De taxi’s werken prima maar het is zo druk overal dat het niet opschiet. Alle doorgaande wegen stromen gedurende dag vol. We toeren dus wat door de stad maar het is niet echt leuke stad. Brengen een bezoek aan het historisch museum wat wel leuk is. Het weer is afwisselend regen, bewolkt maar ook dagen met zon bij een temperatuur van 27 graden. Dan eindelijk kunnen we het visum ophalen en gaan we op weg naar Gabon. Als de omgeving wat heuvelig wordt lijkt de truck het niet meer aan te kunnen. We komen boven maar vraag niet hoe. De vieze diesel uit Nigeria is het dan uiteindelijk gelukt om de filters te verstoppen en dan doet hij het niet meer. Stoppen bij een grotere uitwijkplaats en daar zien we een soort garage/ stalling van een chinees bedrijf. We mogen niet op het terrein.....maar een monteur (Kameroenees) komt spontaan naar buiten om Arend te helpen in de stromende regen en spreekt ook nog engels zodat de “problemen” besproken kunnen worden. Als alles weer schoon is gaan we verder en overnachten bij een post van de gendarme in Meyo centrum. 
De volgende dag zijn we nog maar goed en wel onderweg of de problemen herhalen zich, weer schoonspoelen en doorblazen en verder maar weer naar de grens. We worden 4 x geregistreerd voordat we de stempels in het paspoort en carnet hebben maar binnen een uur is alles correct afgehandeld. Het is dan 10 uur als we bij Gabon aankomen. Hier zit politie en z’n helper en die moeten eerst controleren of alle papieren en visa wel klopt, ook de hotelboeking wordt gecontroleerd en dit alles aan een chef in Bitam doorgegeven. Die gaat ook alles nog eens checken. Due minutes zeiden de heren, en het duurde maar en duurde maar want de hotelboeking klopte niet. Deze dus zelf nog een keer gebeld en de man zelf aan het woord gelaten want we spreken geen frans, klopt dus wel. Nog maar eens bellen. Uiteindelijk na 3 uren mochten we verder. Ook bij 4 checkpoints langs maar verder geen gedoe en alles vlot afgehandeld. 
We zijn in Gabon. Nog een internet kaartje gekocht en wat diesel getankt in Bitam waar het paspoort gestempeld moest worden en dan nog maar wat rijden. De stad ziet er wel goed uit. Schoon, groen met houten huizen en een enkel stenen huis. De ene na de andere controle post volgt, maar geen gezanik. Om een uur of 4 rijden we een zandpad op en komen uit bij een dorpje waar we op een groot grasveld mogen staan. De meneer van de winkel vond het zo leuk dat we hier kwamen en we konden van alles bij hem kopen, brood, vruchtensap, wijn en soort paté. Meneer zelf zat aan het bier dat lijkt iedereen hier wel te lusten. Vertellen hem dat we eerst even willen koken en eten en morgen wat spullen bij hem kopen. Maar de volgende morgen ligt hij nog op 1 oor volgens de buurvrouw.  Dan gaan we maar. 
We horen veel vogels maar zien ze niet, het is overal prachtig groen. Grote hoge bomen met een kroon als een bloemkool en veel bamboe. De weg is goed en er is weinig verkeer. Bijna alle dorpen hebben elektriciteit en ook zie je regelmatig waterkranen. Dat is dus hier wel aardig geregeld. Meeste huizen hebben betonnen vloer met een houten opbouw. Het ziet er verzorgt uit, gras is gemaaid en geen afval rondom het huis of op straat. Er scharrelen wat kippen en geiten rond, hier en daar een hond en kat en die zien er goed uit. Verder is er bijna geen handel  langs de kant van de weg. Een enkele keer zien we wat beestjes hangen...
Het is bijna saai......maar het schiet wel lekker op. Om +/- half 3 in de middag komen we bij de afslag naar het National Parc Lopé.
  We zijn net de evenaar gepasseerd en toeren nu op het zuidelijk halfrond!  En de weg is zandpad geworden waar we met +/- 25 km per uur over heen kunnen rijden.
Na een uurtje vinden we het genoeg voor vandaag en stoppen op een heuvel met mooi uitzicht rondom op de heuvels en bos. Het is dan nog 3 uren hobbelen naar Lopé.
We zien onderweg neushoornvogels, de afrikaanse visarend, grote en kleinere vogeltjes.vliegen heen en weer over het pad. In Lopé vinden we een gids die met ons het park in wil. Een 2 daagse tocht wordt geregeld. Alles inclusief.
  Morgen 7 uur vertrekken, we worden met de auto naar het park gebracht vlakbij de overnachtingsplek, dus hoeven we niet zo ver met alle spullen te lopen. 
De tenten worden opgezet en het vuur vast aangemaakt. Alle spullen in de tent en dan eerst maar eens aan de wandel in het bos. Maar we moeten eerst een rivier over...ik doe dat op de rug van een gids want ik heb geen laarzen aan.
We horen vooral van alles maar zien weinig dieren.
Er slingeren een paar apen door de boomtoppen en de vogels spelen verstoppertje. Ook de olifanten laten zich niet zien. Maar het is een mooie boswandeling.
We lunchen op een omgevallen boom en gaan verder met de wandeling. Het gaat niet snel dus alle tijd om alle kanten op te kijken. Dan stuiten we op de uitwerpselen van een gorilla, er worden foto’s van gemaakt.
En even later schiet er iets groots en zwarts door de bomen voor ons. De gorilla. Maar ze zijn zo schuw dat hij zich gelijk weer verstopt. Even later zien we zijn nest hoog in een boom. Het enigste wat we nog van hem vinden is een hoopje verse mest. We zijn weer terug bij het kamp waar we even pauzeren voordat we de savanne gaan verkennen. Hier zien we een paar mandrill apen in de bomen slingeren , 2 olifanten lopen en een paar groepjes buffels.
Het eerste groepje ligt te genieten in een modderbad en gaan langzaam aan overeind als de gids in z’n handen klapt om ze aan te sporen om te vertrekken. Als we in de buurt komen van de modderpoel vinden ze het wel genoeg en gaan in de aanval.... weg jullie en wij kiezen wijselijk het hazenpad. Maar ze draaien om als ze ons zien vertrekken en we met een omweg terug keren naar het pad. De olifant heeft zich
  door al dat lawaai ook maar terug getrokken in het bos en laat zich niet meer zien.
We wandelen naar een heuvel vanwaar we een goed uitzicht hebben op de omgeving maar er komt niets meer voorbij. Terug in het kamp staat de rijst met kip en ratatoille al voor ons klaar. Voor we gaan eten ons eerst nog een beetje gewassen in de rivier.
 Na het eten gaan we al snel onze tent binnen want het boomstam zitten valt niet mee...en de muggen hebben de jacht geopend. Het wordt een lange nacht en we houden het gelukkig droog.
 Na het ontbijt nog een wandeling door een ander gedeelte van het bos. Normaal moeten we hier de chimpansees horen en andere apen en ook de olifanten zien maar het is doodstil. De gidsen snappen er niets van en grappen dat ze waarschijnlijk in de kerk zitten want het is zondag.
Later zien we sporen van een panter midden op het pad. Zou dit de boosdoener zijn?
 Het is dan tijd om terug te gaan naar het dorp. De chauffeur heeft alle spullen al opgehaald , instappen en voorbij is onze gorilla trekking. 
Even wat anders aantrekken en dan nog een stukje rijden totdat we een mooi plekje aan de rivier vinden. We moeten de zelfde weg terug.  We vetrekken weer met regen en blijft ook even doorgaan maar de weg blijft goed begaanbaar.  Eenmaal weer op het asfalt zijn er weer de nodige politiecontroles, maar zijn niet vervelend.
Het is weer droog als we in Lambarene aankomen
 bij het guesthouse van Albert Schweitzer, er is ook een museum en een nieuw ziekenhuis. We ontmoeten dokter Ronald Wolfgang en we kunnen bij het museum parkeren. De volgende dag wordt er nog een dieselfilter vervangen want de trekkracht van de truck liep wat terug en s’middags het museum bekeken.
Albert Schweitzer heeft hier net voor de 1
ste wereldoorlog een kompleet ziekenhuis neer gezet. Hij was predikant, organist, filosoof en arts tegelijk.
Er werden geen patienten geweigerd en er werd betaald naar draagkracht en zo werken ze hier nog steeds.
  Er werd onderzoek verricht  naar malaria, tbc, en later naar HIV. 
Het is ongelofelijk wat die man hier allemaal tot stand heeft gebracht. Het staat nog steeds onder supervisie van Duitsland en door veel artsen in opleiding als stageplaats gebruikt. 
Dit zijn onze belevenissen tot nu toe... morgen reizen we verder richting Republiek Congo.





Groetjes.  

woensdag 14 juni 2017

Kameroen.



Douala Kameroen, 13 juni 2017 en voorlopig onze laatste standplaats. Vandaag 14/6 vliegen we naar Nederland om vakantie te vieren ;-))) familie en vrienden weer te zien en om alle indrukken te laten bezinken.


Op weg naar de waterval van Ikom op 26 mei 2017. Het is een prachtige groene route maar we kunnen af en toe niet zo veel zien omdat de regen met bakken naar beneden komt. In de plaats Bafousan zien we nog een mooie supermarkt en slaan weer het nodige in.  Verder maar weer door de heuvels die begroeid zijn met mais en koffieplanten. De weg is goed met af en toe een paar gaten. Met de afslag naar de waterval houdt het asfalt op en mogen via een zandpad afdalen richting Ikom. De elektriciteitsdraden in de dorpjes hangen af en toe weer erg laag en moeten omhoog gehouden worden. Hiervoor hebben we onderweg een bamboestok op lengte gemaakt zodat ik niet steeds het dak op hoef. We komen aan het eind van de middag aan en blijven hier overnachten en morgen maar naar de waterval kijken. De vogels zijn hier ook weer aanwezig. We zien de zwarte wever en de common wattle, weer een paar nieuwe soorten. Arend gaat na het eten nog met buurman Belg, en vogelaar, op zoek naar uilen. Ze hebben ze wel gehoord maar helaas niet gezien.  De watervallen zijn mooi om te zien en men heeft er twee routes via trappen aangelegd.  Het is wel oppassen want enkele stukken van het traject ligt vol met steentjes en modder. Onderhoud is hier ook niet het sterkste punt.  Er zijn ook hutjes waar men kan overnachten. Er komen vooral in het weekend gasten. Weer terug naar de hoofdweg en dan op Mount Cameron, we nemen de N16 naar Kumba en dit is een slechte weg vol gaten en modderpoelen.
Maar ook hier scharrelen de brommertjes er rustig door of omheen met meestal meer dan 1 passagier. We vorderen maar langzaam en we blijven overnachten in dorp Etam 2, een klein dorpje waar we bij de school willen overnachten. Het hoofd van de school komt er net aangelopen en die vindt het goed, maar hij moet het wel even aan de chief vertellen en we moeten een kleinigheid meegeven. Het worden 4 blikjes bier..... en voor de leraar wat pennen voor de school. Het duurt zoals gewoonlijk niet zo lang of de kinderen en later ook de volwassen komen langs om het allemaal even te bekijken.
We horen hier van de vrouwen dat er sinds november vorig jaar al geen les meer wordt gegeven. Er is hier wat strijd tussen Engelstaligen en de Franstaligen en het wordt via de school gespeeld op een of andere manier. We zijn er nog niet achter hoe het precies zit.  In de avond krijgt Arend weer koorts.....toch niet weer malaria?? De volgende morgen 28 mei, toch weer wat beter en gaan toch maar op weg naar Buea, wat op 1000 meter hoogte op de flank van de berg ligt.
Tot Kunda is de weg nog zeer slecht en daarna zoeven we over het asfalt door dorpen, rubber, bananen en ananas plantages. Er is hier maar weinig verkeer. Buea is een ruim opgezette stad en we mogen parkeren  naast het Guesthouse van de Presbyterian Church Complex. Er is hier ook een kleine kliniek waar we eerst maar even naar toe gaan.
Arend krijgt advies om paracetamol te slikken en morgen terugkomen voor de malariatest.  En het blijkt geen malaria te zijn maar hij heeft thyfus opgelopen...... Maar weer aan de antibiotica en maar hopen dat het weer snel opknapt.  Later op de dag ontmoeten we Stef en Nafiseh die de berg hebben beklommen. Was mooi geweest maar wel zwaar, ook vanwege de regen. Gezellig wat gekletst. We blijven hier tot 5 juni.
We gaan een paar keer naar de markt en bekijken het monument van het 50 jaar bestaan van de onafhankelijkheid.  Ook hebben we vaak bezoek van diverse vogeltjes.  De wandelingetjes worden steeds langer  waaruit blijkt dat Arend zo langzamerhand weer opknapt.  Na een controle bleek dat er nog steeds thyfus aanwezig was en kreeg er nog voor 10 dagen antibiotica bij. Maar is wel zover opgeknapt dat we weer verder kunnen.  
  De weg naar Limbe is hier en daar wat minder maar over het algemeen is het goed te rijden en is het een mooie route door de theeplantages.  De stad zelf ziet er ook goed uit, ook heel ruim opgezet en er zijn ook nog oude koloniale huizen. We brengen hier een bezoek aan het Limbe Wildlife Centre waar apen opgevangen worden die als huisdier zijn gehouden of wees zijn geworden.


Er zijn gorilla’s, drill apen, chimpansees en nog een kleiner soort apen. Het wordt voornamelijk door vrijwilligers gerund. Van hier uit gaan we naar het Sema Beach Hotel waar ook een mogelijkheid is tot kamperen/parkeren.  We hebben de parkeerplaats bijna voor ons zelf. In de loop van de middag komen er wat zwemgasten maar druk is het niet. 

Moeten het hier waarschijnlijk ook van de weekenden hebben. Want ook in dit land is bijna geen toerist te vinden.  We maken nog een tochtje op de motor maar de regen dwingt ons weer om te keren en we brengen dan nog maar een bezoek aan de Lava-tong.  Van een tong is nu niet echt sprake maar je kunt de weg waarlangs de lava kwam na de uitbarsting van 2001 zien. Dan wordt het tijd om ons in Douala te melden bij de New Age Yard waar we de truck mogen stallen voor de komende maanden.


Voor we Douala inrijden zien we een truckwasplaats en laten daar de truck wassen......geen overbodige luxe.

Er wordt aan een nieuwe weg gewerkt door Douala en met alle werkzaamheden en omleidingen levert dat aardig wat oponthoud op. Sommigen denken dat 2 banen niet genoeg is en maken er 3 banen van wat weer voor de nodige opstoppingen zorgt. Maar over het algemeen is het verkeer netjes. Weinig getoeter en men gunt elkaar de ruimte. Ze rijden hier ook nog niet met de snelheden van europa. Het is bijna 14.00 uur als we bij de Yard aankomen en Fred, de beheerder van het terrein ons welkom heet en laat zien waar we de komende week kunnen staan.
Later komen  de bazen Jeff en Gael ons nog welkom heten en we moeten het laten weten of we iets nodig hebben. Helemaal top.  De volgende dagen doen we niets anders dan schoonmaken en repareren waar nodig, de truck onderdelen smeren waar nodig enz. enz. Lijstjes maken van wat mee moet. Naar de Super U  en Spar  supermarkt om te kijken wat we daar kunnen kopen en niet hoeven mee te nemen uit Nederland.  Arend gaat met de chauffeur van Jeff naar het gas vulstation zodat we weer 2 volle flessen hebben.
We scoren ook nog een autoverzekering bij GMC Assurances, Reu Joss, Douale. (36.000 CFA) En iedere dag een was en hopen dat het die dag vooral droog blijft....... Het is al regenseizoen! Maandag gaan we naar de Presbyterian Clinic waar ze nog een keer het bloed van Arend onderzoeken op thyfus. De test is negatief dus alle beestjes zijn weer bestreden. We kregen een voorrangsbehandeling.....nummer 66 kregen we bij de ingang maar de bewaker seinde de verpleegster in en we werden al snel opgeroepen.. Intake bij de verpleegster en die brengt je bij de dokter waar we ook weer voor de wachtenden gingen, vervolgens naar de kassier om voor de test te betalen en na enkele ogenblikken kon Arend daar ook terecht. Hier was er wel enig commentaar.... heeft die blanke man meer rechten... Ook wel terecht natuurlijk, maar anders hadden we hier een dag gezeten denk ik. Het ziekenhuis ziet er netjes uit, er staat overal aangegeven waar wat is. Zo keurig hebben we het nog niet gezien. De volgende dag de koelkast nog schoon en de laatste keer vegen en dweilen. Arend haalt de stroom en gas voorziening los en de luiken voor de ramen. Alle tassen gepakt en naar buiten  dan de tussendeur  en cabine afsluiten. Daarna worden door de chauffeur opgehaald en naar de flat van Jeff gebracht. 
Deze periode van reizen afgesloten, samen met Jeff en Carola, met een bezoek aan een restaurant waar we de Kameroense keuken geprobeerd hebben en het was lekker. Er is nu een paar maanden stilte.........    

dinsdag 30 mei 2017

Van druk Nigeria naar groen Kameroen.


 25 mei, bij klooster Cistercien Notre Kame de Koutaba, Kameroen.



Op 9 mei vertrekken we uit Lagos richting Benin waar we om half 4 in de middag aankomen bij Edo Gate Hotel.  We hebben maar 3 politiestops dat is dus prima No Wahalla. Hier en daar wat oponthoud door wegwerkzaamheden. De weg naar Epe is nu helemaal vol gebouwd. Vanaf Ore tot Benin hebben we een goede weg. 
Aan de kant van de weg liggen wat autowrakken van diegene die het niet gered hebben..... en opruimen is er niet bij. Het laatste stukje naar Benin wordt het wat heuvelig. De volgende dag verder eerste stuk van de weg naar Onitsha / Niger brug is goed daarna veel gaten in de weg en wegwerkzaamheden. We hebben 7 politie controles en het kost ons 1 keer een fles water. Er is geen file voor de Niger brug dus dat schiet lekker op. 
In deze omgeving wordt mais, jamwortels en palmolienoten verbouwd. Langs de kant van de weg is garri te koop. Er is veel groen, de steden zijn groot met brede wegen er door heen. We zien maar weinig marktjes meer.  Het is een uur of drie in middag als we arriveren bij de Coca-cola fabriek van Enugu. De plantmanager Daniël Ashiriba heeft een mannetje geregeld die ons naar zijn huis brengt waar we kunnen overnachten en die ons ook naar de shoprite rijdt om nog wat boodschappen te doen en s’avonds moeten we met hem gaan eten. Helemaal tof. 
 De volgende dag rijden we weer op tijd weg, ook hier zijn wegwerkzaamheden en bij de steden weer allerlei controles. Politie, militairen en verkeer/veiligheid controles. Het stukje op de A4  richting Obudu is zo mogelijk nog erger, we worden 30 keer gestopt op deze 75 km. Politie, immigratie, douane en verkeersveiligheid staan gewoon 10 meter van elkaar en je mag overal stoppen en allemaal binnenkijken en men begint hier ook steeds vaker te vragen of we ook iets voor hun hebben. Nee dus. Het kost moeite om bij zoveel gedoe vriendelijk en vrolijk te blijven.....
 Maar uiteindelijk komen we aan bij de Obudu cattle-ranch en Mountain Resort op een hoogte van 1585 meter en de temperatuur is hier ook aangenaam.  Het hotel is nu een staatshotel en de cattle ranch is gesloten. 
Er is een trouwfeest in het hotel dus we kunnen niet op de parking staan. Edwin die toertjes verzorgt voor het hotel brengt ons naar z’n dorp achter het hotel waar we op een stukje grasland mogen staan als we een kleinigheid hebben voor de chief...We hebben mooi uitzicht over de bergen. In de avond hebben we een fikse onweersbui met veel regen. Het plan is om hier 5 dagen te blijven en wat te wandelen in de omgeving. Edwin komt de volgende morgen vertellen hoeveel geld de chief wil hebben voor het overnachten en dat is fors meer dan wij normaal betalen.... Nog maar een keer terug naar de Chief voor een acceptabeler prijs. We gaan dan alvast naar het park waar ze een canopy hebben en maken daar een rondwandeling. 
Daarna verder met Edwin door de dorpen gewandeld en de groente tuinen bekeken. Na 4 uren waren wij wel uitgewandeld en lekker verbrand!  Aan het eind van de middag weer  onweer, regen en een harde wind. Zaterdag willen we een markt bezoeken maar voor we daar zijn zien we al weer touwtjes over de weg hangen en het nodige geld van eigenaar verwisselen. Hebben we geen zin in en toeren nog maar wat op de motor.  Weer terug op onze stek wordt Arend wat rillerig en heeft hij wat koorts en denkt aan malaria.... Het vogelkijken wat voor morgen op het programma stond afgezegd en s’morgens maar naar Obudu Clinic gereden voor een malariatest. Helaas positief. Hij krijgt een kuur van 8 tabletten mee. Dr Vin Ushie heeft samen met een collega het ziekenhuis opgezet en hij blijft maar praten en wil van alles weten. We willen niet al z’n tijd in beslag nemen maar daar heeft hij geen boodschap aan. De patiënten worden naar de andere artsen verwezen en wij gaan het ziekenhuis bekijken. Daarna moet hij de truck nog bekijken en moeten we kennis maken met z’n vrouw en moeten we blijven lunchen. Als z’n vrouw de truck ook heeft bekeken gaan we toch nog maar richting Ikom.
We krijgen het adres van Betthh Royal Hotel waar we goed kunnen staan en dan maar op weg. Er zitten wat gaten in de weg op deze route maar we hebben maar 2 politiechecks....  Amos Effiom Ikpi heet ons welkom en geeft ons een mooie parkeerplaats. Het hotel zit in de renovatie en we zien verder geen gasten.
Hier houden we maar een paar dagen rust zodat Arend weer kan  opknappen en dit gaat voorspoedig. Amos brengt ons naar een benzine station wat niet met de meters knoeit en naar een mannetje die wat geld kan wisselen voor Kameroen en als laatste nog naar een watertap punt. We zetten hem af bij een vriend en vervolgen onze weg naar de grens. De papierhandel duurt al met al wel 3 uur, alles moet dubbel ingevuld worden maar iedereen is heel vriendelijk en correct.

Als we Kameroen binnenrijden weten we niet wat we zien, een prachtige weg, een  schone en groene omgeving. Het is een verademing na al die viezigheid onderweg. We overnachten in Bali bij de Presbyterian Handicraft Centre. Het is een mooie plek in de tuin.
Bekijken het werk van de meubelmakers, stoelen, tafels, kasten en mooie bewerkte krukken. In het winkeltje is nog een leuke mand te koop en kerststalletjes....
Een rondje door het dorp gelopen en weer lekker brood gekocht. 
Dan maar weer verder, we gaan via Bamenda, waar we nog wat geld pinnen en bij de supermarkt nog wat voorraad kopen, naar de Botanische tuin bij Bafut. In het dorp het paleis en museum van de Fon (koning) bekeken.
De rondleiding werd door één van de 19 vrouwen gedaan. Het is zeker geen rijke koning maar het museum ziet er leuk uit.
De botanische tuin stelt niets voor maar is eerder een picknick area voor de locals.
We zien wel weer wat vogels onder anderen een Mousebird.  En twee duitse vogels Lucas en Anja. Zij doen ook een rondje “ringroad” en we zullen hun morgen wel weer treffen bij het Nyos meer. In Wum stoppen we voor wat groente en de weg tot hier is redelijk maar wel met gaten. En de omgeving is zo groen, er wordt bijna overal mais verbouwd en wat palmolie. Na Wum is het bar slecht gesteld met de weg en er zitten wat gammele bruggetjes in.  Er lopen hier ook wat herders met hun koeien rond en die willen graag via de weg........ We gaan heuvel op en heuvel af en de weg zit vol met  diepe geulen  waar de regen het zand heeft weggespoeld. Er liggen ook stevige stenen die je niet zomaar kunt omzeilen.  Maar de uitzichten zijn fantastisch.
Na de laatste heuvel lijkt de weg weer wat beter en is ook breder en bij de afslag naar het Nyos meer zien we zowaar asfalt en die loopt helemaal tot aan het meer. We blijven 2 nachten bij het meer, het is er heerlijk koel en er zijn weer aardig wat vogelsoorten. Het Nyos meer is gevormd na een vulkaan uitbarsting en is 220 meter diep. In 1986 is er een gas lekkage geweest die 1800 mensen het leven heeft gekost en aan alle dieren die op dat moment in het dal waren. Er zitten nu drie pijpen in de bodem van het meer zodat het gas gereguleerd kan ontsnappen.
We vragen hier en daar hoe de weg verder is richting Missaje en Nkambe en er wordt gezegd dat we het slechtste stuk hebben gehad en er verder geen moeilijkheden zullen zijn onderweg..... En ze hebben gelijk, het is wel een zandpad maar is goed te rijden.
Bij de toppen  van de heuvels zitten nog wel eens wat stenen en geulen maar dit is een peuleschil voor ons truckje. We rijden een stukje door Kimbi River Reserve waar de weg prachtig breed is en waar nog echte graslanden zijn. Mooie route door de bergen op 2100 meter hoogte. Er mag hier niet gewoond worden en ook het vee mag er niet doorheen gaan. Een prachtig gebied.
Verder zijn er weinig graslanden meer, de toppen van de heuvels zijn nog wat groen van het gras maar daar waar iets verbouwd kan worden staat mais op het land. Later zien we ook aardappelen en boontjes. In Nkampe kunnen we water kopen bij het watertappunt van het dorp. Veel mensen hebben een eigen aansluiting maar voor diegene die dat niet kunnen betalen is er nog het tappunt. Het water moet wel betaald worden. 50 CFA voor een kan van 20 liter. Het is nog een klein stukje naar de Kakar – theeplantage. De temperatuur is hier ook goed voor bloemen als Datura, Lantana, Hibiscus en Dahlis’s die hier langs de kant van de weg en hier en daar in tuintjes bloeien Bij de plantage zoeken we een plekje met uitzicht op de theestruiken.
We vragen aan de bewoners van het huis in de buurt of het mag en alles is ok totdat het weer eens donker is en de nachtwacht vindt dat het toch niet kan...... Beetje dichter bij de doorgaande weg is beter...ook goed. We hebben nu bijna dagelijks regen, soms een bui en soms een paar uur achter elkaar.  Als we de volgende dag verder gaan zien we dat er druk thee geplukt wordt en dat het een grote plantage is. De weg is redelijk tot Kumbo waarna we zelfs asfalt hebben tot Jakiri. Hier gaan we van de hoofdweg af naar Foumban en de weg is slecht.




De huisjes zien er weer armoediger uit. Ook hier wordt mais, aardappelen en boontjes verbouwd. Maar de omgeving is weer prachtig , heuvels en groen en schoon.... een enkele keer zie je in een dorp iets van afval liggen.
In Foumban mogen we parkeren bij het Paleis en museum van de Sultan. (5000 CFA) voor de nachtwaker. We bekijken het museum en als we buiten komen zien we dat de Sultan naar buiten komt en door menigeen wordt opgewacht om hem te begroeten en iets aan te bieden.
 Nog even naar de markt om wat groente en dan vertrekken we naar het klooster wat een 20 km buiten de stad ligt, omdat de Sultan en zijn director van de stad er toch wel enige moeite mee had dat we hier parkeerden....  Het is een rustige plek in de natuur en we zien verder niet zo veel van de monniken. Er is een winkeltje en er is een gastenverblijf. 

We maken een tochtje op de motor naar het Meer Mfou bij Foumbot dat ook door een vulkaan is ontstaan.

Morgen maar weer verder.  

Groetjes