zaterdag 2 februari 2019

Botswana, Maun. 2 februari 2019




Na ons heerlijke verblijf bij de River Dance lodge zijn we verder gereisd door de Caprivi strip van Namibie.  We hebben de Popa falls bekeken, dit stelde niet zo veel voor maar de omgeving was weer mooi groen.
Na een overnachting in Ngeti Camp, aan de rivier de Okavango, waar ze grappige douches en toiletten hebben doen we een paar rondjes door het Mahonga Park.  De meeste dieren zien we in de omgeving van de rivier, zebra’s, impala’s, 2 giraffen, zwijntjes, hartebeest, duiker, diverse vogels en hypo’s in het water.
Bij een waterplas zien we olifanten.  Het is een bijna rechte weg die door de Caprivi strip loopt naar het Mudumo NP. De toe rit naar camp 3 aan de Kwando rivier gaat door een aantal grote modderplassen en die worden dezelfde dag nog wat aangevuld.
Het is een behoorlijke regen en onweersbui.  Een ritje door het park levert een beschadigd kastje op, een stronkje wat schuil gaat in de bladeren ontwricht het geheel. Ook komen er olifanten aangerend om hun jong te redden van het grote witte monster dat daar rondrijd. De water en modderplassen zijn soms behoorlijk diep en glibberig. Ook hier leven zwijntjes, impala’s, olifanten hebben we hypo’s voor de deur, een krokodil op de oever en een boom vol afrikaanse open bek ooievaars.
Camp 3 is een prachtige plek. We komen langs kleine dorpjes waar de hutjes afgeschermd zijn met ronde schuttingen van rieten matten. Overal op het land zijn ze bezig met ploegen. Het gaat hier nog ouderwets met 4 koeien voor de ploeg en minimaal 2 mannen achter de ploeg.
De mensen zijn erg vriendelijk, groeten en zwaaien als je voor bij komt. In Katima Mulio moeten we nog wat boodschappen halen en tot onze verrassing zijn hier maar liefst 4 supermarkten die echt alles te koop hebben. We vervolgen onze weg naar Salambala camping, er is niet veel verkeer hier. Hier en daar hangt een geslachte koe langs de  kant van de weg maar dat is het enige wat aangeboden wordt. Ook de toe rit naar de camping is behoorlijk nat en modderig maar in de 4x4 komen we er gemakkelijk doorheen. De camping zelf valt wat tegen, mooie plekken maar het sanitair ziet er niet uit. En ook al hebben we vandaag weer een dikke regenbui de Salambala Pan staat droog en zijn er geen dieren op Gifty het duikertje na dat daar altijd rondloopt en eten krijgt.
Ook weinig vogels, een specht en een paar neushoornvogels. Een tochtje door het achterland naar Muako waar je uitzicht hebt op de punt van het Liambezi meer waar veel soorten vogels zijn. Net voor de grens met Botswana slaan we af naar Chobe River camp. Het ligt aan de Chobe rivier tegenover het Chobe NP. De weg er naar toe is bar en bar slecht, door de regenval zijn het overal modder en watergaten en soms de sporen zo diep dat er al een pad langs is gemaakt. Maar de plek is fantastisch. We krijgen weer een mooi plekje aan de Chobe rivier.
De ijsvogels zitten in het riet, de wevers zijn druk met hun nesten, de reigers staan te vissen en de Afrikaanse openbek ooievaar haalt de schelpdieren uit het water. Aan de overkant is het een komen en gaan van giraffen, waterbokken, impala’s, buffels en apen en heel veel olifanten. De volgende morgen komen ook Marco en Yvonne aan.
Een Nederlands stel wat ook al veel heeft gereisd. Zij komen net uit Botswana, er worden weer veel verhalen verteld en informatie uitgewisseld. Het is zo gezellig dat we nog een nachtje blijven en maken de volgende dag een wandeling rond de lodge waar we diverse vogels zien en bij terugkomst lekker opfrissen in het zwembadje.

Dan is het tijd om Namibie te verlaten. Voor ons gevoel is het al geen Namibie meer, de omgeving is compleet anders dan we gewend zijn van het land. Het gevolg van een ooit vreemde verdeling van het land.              Bij Ngoma bridge gaan we de grens over naar Botswana. Na het nodige papierwerk en betalen voor de gereden kilometers kunnen we verder, wel moeten we nog door een ontsmettingsbad rijden, en onze schoenen in een ontsmettingsmiddel dopen. Ook worden we gecheckt op rauw vlees, groente en fruit. Dat mag het land niet in. Onderweg zullen we ook regelmatig van deze controles tegen komen. In het land zijn diverse “veterinaire fences”, waar geen rauw vlees en dergelijke door heen mag. Soms zijn zelfs eieren en verse melk taboe. Een heel gedoe.... De transit rit door het Chobe NP levert 1 olifant op, verder zien we niets. De beesten zijn allemaal al bij de rivier of terug het bos in. In Kasane parkeren we de truck op plaats 13 van de Chobe Safari Lodge en camp. Hier passen we precies op en hebben weer uitzicht op de rivier. Het is hier een komen en gaan van bootjes die tochtjes op de rivier maken.



We horen de hypo’s  en af en toe krijgen we er 1 te zien. Aan de oever zien we overal olifanten en in het open veld zijn de hypo’s aan het grazen. Op de camping lopen bosbokjes en varkentjes rond en een paar heel mooie katten. Ook in het dorp lopen de wrattenzwijntjes rond als we op zoek gaan naar een bedrijfje waar we een boottochtje kunnen boeken. En wat hebben we een prachtige boottocht. Overal olifanten, buffels, apen, veel watervogels en we scheren midden tussen de vele hypo’s door. De visarend is ook luidruchtig aanwezig. Kortom geweldig!!! 
 We gaan nog even bij de spar langs en dan toeren we verder via de huntersroad. Een grenspad tussen Zimbabwe en Botswana. In het eerste stuk zien we nog wat wild maar al snel is het over met de pret. De bosjes zijn afwisselend open en meer dichtgegroeid. Hoge en lage struikjes. Bij olifantspond gaan we lunchen maar op een paar vogels na is het hier ook leeg. Over de verharde weg gaan we verder naar Gary’s waterhole wat via een zandpad te bereiken is. Hier staat nog genoeg water maar er komt niemand drinken, waarschijnlijk zijn er al voldoende poeltjes gevormd in de bossen door de regenbuien. Er zwemmen een  paar eendjes en een jonge Bateleur staat aan de rand van het water. We horen wel wat wrattenzwijntjes maar ze blijven verborgen in het groen.  Het is ondertussen al weer behoorlijk bewolkt en even later komt de wind en de regenbui. Daarna kan Arend het kampvuur weer aansteken en kunnen we nog even buiten zitten. 
 Als we de volgende dag terug rijden via het zandpad staan hier voldoende pootafdrukken van impala’s en leeuwen over onze bandensporen. Ze hebben de waterpoel niet meer nodig.  We steken de verharde weg over om weer op de hunterroad te komen. Het heeft ook hier geregend en de grond is hier en daar wat “snotterig”, en er staan weer aardige modderpoelen.
Bij een doorwading van een droge rivier heeft de truck wat hulp nodig van de 4x4 om bij de gladde natte wand omhoog te komen. Maar het lukt prima. Verderop is het droger maar het pad wordt wel smaller en we moeten wat tussen de takken door laveren. We zien een paar elanden, zebra’s en een paar wrattenzwijntjes. Behalve neushoornvogels zijn er niet veel vogels te zien of te horen. 1 Giraf  duikt weg achter de bosjes zodra we in het zicht komen. Via een brandgang gaan we terug naar de verharde weg. Er zijn een paar goed belopen paden en oversteekplaatsen waar we  pootafdrukken van olifanten en andere dieren zien, maar de olifanten die we zien staan allemaal te liften ;-))) in de bermen van de B33. De B33 is de drukste weg tot nu toe en dan vooral met vrachtwagens. Net voordat we Elephant Sands camp bereiken hebben we weer een “Vet fence”  Hier moeten alle schoenen weer ontsmet worden en krijgen we de vraag of we vlees in de koelkast hebben? Nee niet in de koelkast....... Met de truck nog door een ontsmettingsbak rijden en klaar zijn we.
Als we op Elephant Sands arriveren zien we daar mensen uitbundig zwaaien en zien we een bekende truck. Ruth en Jurgen zijn net een paar uur eerder aangekomen. Weer een leuk weerzien. Aan het eind van de middag komen er grote kuddes olifanten drinken en badderen.



Het is een vrouwengroep met  kinderen in alle leeftijden. Om beurten gaan de families drinken en badderen. Het is een pracht! S’avonds heerlijk gegeten in het restaurant.  De olifanten mannetjes zijn de volgende dag aan de beurt. Deze komen alleen aanlopen. In de ochtend is het nog rustig maar het loopt af en aan gedurende middag, avond en zelfs in de nacht. Vanaf het zwembad hebben we een mooi uitzicht op hun activiteiten. De rit naar Nata lodge is maar 70 km dus we doen het heel kalm aan. Ook nu staan er een paar olifanten langs de kant van de weg. Een enkeling gaat snel een stukje verder van de weg staan maar de meeste olifanten gaan rustig door met eten. Nata lodge heeft ook weer een mooie camping en een zwembadje. Toch wel erg fijn bij 35 graden in de middag.  In Nata lodge vragen we of het mogelijk is om een eiland in de pannen  te bezoeken met de trucks .
We krijgen een telefoon nummer van de camping daar maar men verteld dat ze dicht zijn en het is dus niet mogelijk. Bij Gweta-lodge vragen we nog een keer naar een andere plaats dicht bij de pannen maar het is toch wat te riskant. De weg is smal en je hoeft er maar net naast te zitten of je kunt tot de assen wegzakken in de modder. Toch maar niet gedaan. Na nog een wildkamp bij de rivier Boteli en langs een gravelpad  komen we aan in Maun waar we kamperen bij het Sedia Riverside Hotel en camping aan de Thamalakane rivier. We reizen nu even samen met Ruth en Jurgen want we willen kijken of we samen niet een Fly-In safari kunnen boeken in de Okavanga Delta voor een redelijke prijs. Het is regenseizoen en er zijn dus niet veel vakantiegangers meer.   EEnnnnnnnn het is gelukt.  Als het vliegtuig  gaat dan gaan we morgen 3 februari op safari in de Okavanga Delta.

woensdag 16 januari 2019









Namibie 2019.

Na een rustige nacht in Amanzi Camp gaan we de volgende dag 24/12/18 met de motor naar Ausenkehr omdat we internet kaartjes willen kopen.
Nadat we benzine gehaald hebben in Noordoewer gaan we op weg naar Ausenkehr maar we worden een aantal kilometers voor het dorp staande gehouden door de politie. Your drivers license please.... Sorry sir we forgot to bring it...... Dat wordt een bekeuring, 1000 N$ ohhhhhh. Arend wil het wel ophalen terwijl ik hier blijf wachten maar daar willen ze niets van weten. Maar omdat we wel een rijbewijs hebben maar dat niet bij ons hebben hoeven we maar 500 N$ (32 euri) te betalen. In het dorp moeten we de bekeuring op het politiebureau betalen en dan mogen we weer verder rijden. Het was de bedoeling dat we ook een permit haalden voor het ritje door het kokerboombos maar het is onderhand te heet geworden dus dat laten we maar voor wat het is.  
Langs de Oranjerivier, die ook werkelijk water heeft en stroomt, gaan we verder naar het noorden. Het is een prachtige route tussen kale ruige bergketens door. Na Rosh Phina gaan we weer via het binnenland  verder tussen de bergen door.
De Kerstdagen brengen we door in een stil en weids stukje van Namibie. Er is niet veel begroeiing behalve in en bij de rivier zijn er groene struiken en bomen ook al is er geen zichtbaar water. De enige levende wezens hier zijn apen en vogels.  Als we de volgende dag verder gaan hebben we eerst nog een mooi  ritje door de bergen, met bokjes, oryx en struisvogels. Daarna hebben we  een saai stukje weg. De C14 met hier en daar een boerderij. We overnachten op de Konkiep Lapa restcamp. Vieze toiletten en douchen, die ook niet werkten.
Het enige leuke daar was het vogelnestje in de paal waar het hekwerk aan vast gemaakt was. Ook op de weg naar Mathahohe is weinig actie, wel grote boerderijen waar we af en toe een bewoner en maar weinig van hun kudde dieren zien. Wel ruiken we vaak een mestgeur.... Rijden langs het Zwartrand plateau en gaan weer een klein stukje om door een groene vallei, hier hebben ze al regen gehad, er loopt een bokje  en een secretarisvogel. In de bomen zijn de sociable weavers druk met hun mega grote nest.
We eindigen de dag bij Hudub camping aan de gelijknamige rivier. Maar ook hier hebben we regelmatig last van vlagen mestgeur, het blijkt afkomstig te zijn van de stinkhout boom. Het volgende traject is ook weer dor en droog. Er zijn weer grote boerderijen voor schapen, koeien of wild. Op 100 km zien we 3 auto’s en 6 grote boerderijen........ Dat is dus 1/3 Nederland. Het is een groot leeg land met prachtige stukken natuur. De B1, de hoofdweg naar Windhoek is iets drukker maar nog steeds niet dat we gewend zijn in Nederland. In Windhoek gaan we eerst naar het grote truck pompstation en truckwash. De truckwasser is nog vrij maar diesel kunnen we wel krijgen. In de stad is bijna geen verkeer, de mensen hebben hier ook vakantie en zitten veelal aan de kust. Maar bij Urbancamp hebben we geluk, we kunnen er 5 nachten staan. De motor weer te voorschijn gehaald en bij diverse instanties Taxrefund en de NWR (Namibie Wildlife  ....... en winkels langs geweest.   Bedrijven zijn al dicht en Taxrefund office lijkt verhuisd. Maandag , oudejaarsdag nog maar eens kijken.  We ontmoeten een Zimbabwaans stel, Dean, Nicole en dochtertje Lexi in Urbancamp, en we krijgen van hun een prachtige route door Zimbabwe. Geweldig! Oudejaarsdag weer op zoek naar de Tax refund office, gevonden en zoals het eruit ziet, al heel lang dicht. Vergeet het maar en papieren maar opsturen naar Zuid-Afrika. De NWR is ook al weer dicht. Dan eerst maar eens de Zuid-Afrikaanse vetbollen maken/bakken. Het is een heel geklieder en gekleef aan je handen , moet rijzen dan in balletjes verdelen en nog eens rijzen en dan eindelijk in de olie........ Maar ze zijn wel lekker!!!
Ondertussen zijn Ruth en Jurgen ook aangekomen op Urbancamp en kunnen mooi bij ons op het camp staan. Met hun gegeten en Oud en Nieuw gevierd. Heel gezellig.  Happy New Year!  1 Januari 2019 doen we het kalm aan, rustig ontbijten wat relaxen en een wandeling naar de supermarkt voor wat airtime. Voor de braai maaltijd maken we allemaal wat. Arend braait de rumpsteak , lekker en ook de Lambschenk van Jurgen is goed te pruimen. Ruth maakt aardappelsalade en ik een gemixte groente salade. We hebben een heerlijk maaltje.
Nog een snaps om het geheel goed te laten landen en dan rollen we zeer tevreden het bed in. Het is weer tijd om verder te gaan. Nemen afscheid van Ruth en Jurgen en de zimbabwaanse vrienden en gaan naar de NWR voor een permit voor de Naukluft National Park. Nog even bij de spar langs en dan rijden we al gauw weer in de leegte. De weg is aardig hobbelig en we worden nagekeken door een groep apen die langs de kant van de weg zitten. Ook een bokje en een aantal varkentjes laten zich even zien. Op een aantal plekken heeft het geregend wat groene struiken en zelfs wat groen gras oplevert. Wij houden halt op de Gamsbergpass waar we een prachtig uitzicht hebben op de ons omringende bergen en waar we de apen horen schreeuwen. In de kloof  heeft het ook geregend en zijn de struiken en boompjes mooi groen.
In de rivierbedding zien we 2 kudu’s lopen. De regenbuien zijn zeer plaatselijk er zijn ook nog grote stukken die er dor en droog uitzien. En de struikjes zien grijs van  ellende. Dan over de Kuiseb pas en door de kloof, is ook weer een prachtig stukje natuur, naar de Kuiseb canyon waar we genieten van een broodje. In de verte zien we wat auto’s in volle vaart voorbij rijden richting Walvisbaai. Wij nemen de afslag naar de Ganab campsite. Hier rijden we door een vlak stuk land wat echt op mini,mini plukjes struik kaal is en waar hier en daar een paar bergen oprijzen vanuit de vlakte. Onderweg zijn er zwarte gieren die zich te goed doen aan de restjes van een dier. Er lopen oryxen, springbokken en struisvogels.
Op de camping zijn sociable weavers druk doende en tegen het eind van de middag zien we groepen oryx en rode hartebeest voorbij komen. Het is een prachtig gezicht. Als we wakker worden zijn daar de zebra’s en een paar oryxen,  ze lopen wel allemaal de zelfde route langs de bergen.  Er loopt een blackbacked jackal, springbokken en bij de Hotsas waterplas zien we zowaar 2 giraffen. Die hadden we hier echt niet verwacht. Maar er zijn hier genoeg groene blaadjes aan de bomen dus eten genoeg. En altijd water in de buurt.

Bij de Bluttkoppe en The Arch zien we geen grote dieren meer, alleen de rots dassie, een zwaluwsoort en de mountain wheatear.  Wel hebben we hier de prachtige steenformaties. Overal bogen in de stenen, grote en kleine door de erosie gevormd. In de nacht zetten we voor het eerst de nachtkamera op en zetten we een bakje water neer.
Nu maar afwachten wat er langs komt.  En wie zien we daar......de Cape vos komt wat water drinken, ook de volgende nacht is het raak, deze vos komt regelmatig even terug voor een slokje. In Swakopmund hebben we even wat beter internet en kunnen we de foto’s van een sprinterbus, waar Arend zijn oog op heeft laten vallen, beter bekijken. Het ziet er wel goed uit, maar Polen is wel ver weg . Er zijn aanbiedingen om de bus voor ons op te halen, maar uiteindelijk besluiten we dat er toch maar niet gekocht gaat worden. Er zal vast wel eens iets dichter in de buurt te koop komen. We schaffen wel een Engel koelbox aan want heel koud wordt de koelkast niet.

We gaan via de B2 naar Spitzkoppe, het is niet de fraaiste route door het mijnen gebied. Hier vindt je de uranium, zink, lood en tin mijnen. Spitzkoppe zelf is een prachtige plek. We gaan door naar de Huab rivier via Uis waar nog een tinmijn in werking is en over de hoogvlakte langs de Brandberg. We hebben een mooi plekje aan de rand van de rivierbedding. Arend loopt wat rond en ziet plotseling olifanten tevoorschijn komen.
Gauw de camera en wachten totdat ze dichterbij komen. Ze hebben geen haast, hier een blaadje proeven en dan in de bosjes verdwijnen om even later weer tevoorschijn te komen. Zo scharrelen ze steeds dichter bij. Ze trekken zich ook niets van ons aan. Zo Mooi! 3 volwassen olifanten met 2 jonkies in verschillende maten. De volgende dag komen we ze weer tegen als we richting Tsumeb rijden. Verder is het weer stil op de weg. Er zijn mooie groene stukken, maar nog veel land is gort droog en zien de struiken er dor uit.
In het Kupferquelle resort is alles prachtig groen, netjes en schoon. Met een prachtig zwembad, wat wel fijn is nu de temperaturen steeds verder oplopen. In Tsumeb gaan we op zoek naar een kapper en een bandenboer. Alle drie de kappers zitten voor een week al vol, dat wordt niets. Maar Quality Tires wil de banden van de truck wel kruislings omwisselen. Dan wordt er ook geconstateerd dat 1 van de banden erg slecht is. We willen geen klapband of pech onderweg dus.....worden de nieuwe banden voor om de truck gezet en een oude weer als reserve. Ook is het weer tijd voor een smeerbeurt.
Na drie dagen is al het werk weer gedaan en hebben we genoten van het zwembad. Op weg naar Rundu. Het is een vrij saaie weg met hekwerken van grote boerderijen.
Nadat we door het veterinary fence zijn gegaan wordt de wereld weer meer als Africa. Overal langs de kant weer dorpjes, en kleine boerderijen waarvan de meeste geen afscheiding hebben. We zien weer mensen en dieren rondlopen. De huisjes zijn van riet en modder, zinken platen of van steen kortom weer leven in de brouwerij. En het wordt steeds groener om ons heen. Zien ook weer palmbomen. We rijden de stad Rundu door naar de rivier waar we overnachten op de camping van Sarasungu Lodge. Het toilet gebouw en keuken zijn niet meer wat het ooit geweest is maar verder is plek aan de Okavango rivier okee. Hier krijg ik een adres van een kapster in Rundu en zowaar Evy heeft een plekje vrij en knipt ook nog goed. Als we goed en wel in de cabine zitten voor ons volgende traject horen we mensen roepen en hard lopen. Er wordt geschoten...... en de politie rent achter de verdachte persoon aan die niets om de kogels geeft en doorrent. Een aantal stapt in de politieauto en zetten zo de achtervolging in. Wij gaan de andere kant op.....      De B8 naar Divundu.
Een asfalt weg door het groen. De boeren hebben het land geploegd en hier en daar al ingezaaid. De koeien en geiten lopen langs de kant van de weg. Daar waar het land bewerkt is staan de koeien in een omheind stuk grond wat er niet altijd zo fijn uitziet en waar weinig is eten valt. Bij Mobola slaan we af naar de RiverDance lodge en camping waar we een heel mooi plekje aan de Okavango rivier hebben met prive toilet/douche en keukenblok. Het ziet er hier allemaal heel verzorgd uit. Mooi restaurant met uitzicht op de rivier waar de aalscholvers en kleine witte ibis voorbij vliegen. Aan de kant van de rivier zien we de Giant Kingfisher en kleinere blauwe woodland kingfisher. Om ons heen vliegen de paradijs vliegenvangers, red faced mousebirds, weavers, pijlvlek babbler. We horen nog veel meer waaronder de Zwarte koekoek. Een heerlijke plek. 
Morgen reizen we verder......


dinsdag 1 januari 2019


Windhoek, 30 december. Gelukkig 2019!


Op 10 december gaan we naar RTT logistics bij het vliegveld van Cape Town om de banden op te halen. Maar deze zijn er nog niet. Na wat heen en weer gebel wordt ons verteld dat ze nog in Paarl in een container staan. Misschien dat ze er morgen zijn.  Maybe and maybe not....... Ze moeten maar bellen als ze binnen zijn. Jimmy de leverancier uit Pretora ingelicht, hij doet alle moeite om te achterhalen waar ze zijn. Ook de volgende dag nog geen banden. We horen dan dat ze in Durban  staan. Om te voorkomen dat we nog een week moeten wachten worden dezelfde dag nog een paar banden van uit Jo-Burg naar Cape town gevlogen. We verhuizen naar de Zandvlei caravanpark in Muizenberg. Daar een motortochtje gemaakt langs de Constantia winery’s, Houtbay, Chapman’s peak, Fishhoek, en dan komen we in de file van Kalkbaai tot in Muizenberg.

Dan is een motor toch wel heel handig. We hebben ondertussen een telefoontje gehad dat de banden zijn gearriveerd. De volgende dag halen we ze op met duizend excuses en alle hulp om de ene band weer boven op de cabine te krijgen en de andere weer achterop.

Heel netjes geregeld. We bekijken de mooie tuin van Kirstenbosch en gaan dan door naar Signal Hill van waar je een mooi uitzicht hebt over de stad.
De sunset wordt door heel veel mensen daar genoten. Een mooie overnachtingsplaats. Dit is ook de plek waar de paragliders hun vlucht starten. Er worden heel wat sprongen gemaakt. Maar als de wind even wat zakt of draait mislukt er ook wel eens wat.... en eindigen ze op het gras.

De Lionshead moeten we ook beklimmen, het is een klim van 1,5 uur, veel grote/hoge stenen, langs trappen en stijgbeugels met kettingen. Boven is het uitzicht fantastisch over Cape Town, en Robbeneiland. Als we dit hebben overleefd gaan we naar Victoria Waterfront  waar we mogen parkeren bij het The Table Bay Hotel 6* we staan op stand. ;-)) 

 Dit is aan de oude haven die nog in bedrijf is met daarin opgenomen de nieuwe mall en restaurants.  De oude graansilo’s die nog bij het Waterfront stonden zijn omgetoverd tot een nieuw museum gebouw. Het  Zeitz Mocco Museum of art, met veel moderne kunst. We vonden dit een leuk museum.


Dan nog maar een stukje lopen door de Longstreet en door de Streetmarket. S’avonds heerlijk gegeten bij  restaurant Karibu met zicht op de sleepboten.  De volgende dag hebben we Uber maar gebeld, de spieren protesteren bij iedere beweging. Bij de streetmarket naar de tourist info waar een van de  stadswandelingen  begint. Dit wordt door vrijwilligers gedaan, een leuke historische wandeling en ook heel leuk verteld.

Met de taxi weer terug, Uber werkt ook hier fantastisch. Later op de dag een drankje en een hapje gegeten met Dani en Didi , die we gister ontmoet hebben. Zij hebben dezelfde route door WestAfrica gereden en zijn nu al 4 jaar onderweg.  Gezellig.  In het noorden van Cape Town is een groot shopping centrum de Tygervalley, hier is een boekhandel met een groot assortiment aan reisgidsen en kunnen we een boek over Zambia en Zimbabwe kopen. Aangezien de drie maanden Zuid-Afrika bijna om zijn en we geen verlenging hebben gekregen moeten we de reis wat aanpassen. In Kaapstad is heel veel geld maar ook nog veel meer armoede. De townschips hebben wel meer stenen huisjes dus het gaat langzaam aan toch iets beter worden  voor de mensen die hier moeten wonen. We gaan via Paarl en Ceres naar Op die Berg waar we even verder een mooi plekje voor de nacht vinden. In deze omgeving worden veel graan, druiven en olijven verbouwd.

Dan op weg naar de Cederbergen. De boeren bedrijven zijn hier nog mega groot in de dalen tussen de ruige bergen met hun aparte begroeiing. Bij Matjesrivier nemen we de afslag naar Dwarsrivier.  De bergen zijn groots en zeer ruig. Bij de Dwarsrivier winery en camping kunnen we permits kopen om de stadsaal grotten en rots schilderingen te bekijken, voor de volgende dag kopen we een permit voor een wandeling naar het Malteser Kruis.

De nacht brengen we door op de Welbedacht parking. Van hieruit kun je ook de sneeuwberg beklimmen...... Hier staan Alex en Lotte ook met hun Mercedes 1217, ook zij zijn dooe West Africa gereisd.  De 4 uur durende wandeling naar het Malteser Kruis en terug is goed te doen. Een stijging van 450 meter in 3,5 km. Dit is heel wat aangenamer dan de klimpartij op de Lionshead. Bovenop de berg is het fris en de bewolking neemt verder toe. Na een pauze gaan we met de wind in de rug weer op weg naar beneden. De weg gaat verder langs rooibos thee plantages die rondom  Clanwilliam  staan .

Ook bij Kleinfontein, een kleine ruime camping aan de rand van de Cederbergen wordt rooibos verbouwd.  Hele leuke eigenaren en een prachtige plek. Ons tripje naar Wuppertal, een viel wat tegen.  Hier is in +/-1850 een Duitse missiepost opgezet maar het museum en omliggende huizen zijn sterk verwaarloosd. De rit er naar toe is mooi.
De weg van Clanwilliam, Kleinfontein tot de afslag naar Hoekse Berg is prachtig ruig en groen en daarna volgen nog een paar hoge passen. Op de camping nodigt Nico de eigenaar ons uit om een rondje mee te rijden op z’n land en langs zijn rooibos thee bedden. Hij heeft wat San rots tekeningen op enkele rotsen, de vogels vliegen rond en heeft verschillende soorten fynbos staan. Het is een prachtige plek tussen de rotsen. Kun je wel een aantal dagen verblijven. Maar wij moeten helaas weer verder....  We rijden tussen de mooie uitlopers van de Sederbergen met de rooibos plantages door naar Namaqua land. Hier hebben we weer een heel anders landschap, vooral dor, droog en kaal. In het voorjaar moet het hier een grote bloemenzee zijn. Nu  bloeien hier en daar alleen een paar gele en paarse bloempjes. Na de stad Garies gaan we richting de kust naar Hondenklipbaai.

Het dorp stelt niet veel voor maar je kunt mooi bij de picnick plaatsen aan zee staan. Het landschap verder naar het noorden is kaal en dor door activiteiten van de diamand mijnen. Overal bergen afgewerkte grond.  De omgeving wordt weer wat levendiger als we over een paar passen in de buurt van Springbok komen. Bij Springbok ligt het Goegap Nature Reserve waar we nog een paar dagen doorbrengen.
We zijn de enigen op de camping. Rondje door het park gereden waarvan het eerste stuk mooi was en we springbokken, oryx en zebra’s zien. Het 2derondje  een 4x4 trek gaat meer over rotsen en stenen en zijn er weinig dieren te zien. Een klipspringer, goshawk en een vijftal muizen.  En dan is daar de laatste dag in Zuid-Afrika. Ook de laatste paar honderd kilometer valt er weinig te beleven, hier en daar wat koeien en geiten, wat kleine stuikjes in een dor en droog landschap. In Vioolsdrift gaan we de grens over. Het in en uitstempelen gaat hier weer snel. We hebben genoten van het land, maar het is nog steeds ook een gespleten land, dorpen en/of steden die of Wit of Zwart zijn. Witte steden zijn schoon en in de zwarte steden ligt het vuil overal. Nog steeds grote tegenstellingen, maar er is nu ook armoe bij de witte afrikaners. Je ziet dat ook zij nu soms staan te bedelen langs de kant van de weg of bij de winkelcentrums.

We zijn in Namibie en rijden op 23 december naar de oranjerivier waar we een paar dagen verblijven op de  Amanzi camping.

Tot zover, over 3 weken weer een verhaaltje!